Dit is nu open

SPAR university UU

08:00 - 20:00

SPAR university HU

Gesloten.

SPAR university VU

Gesloten.

SPAR university HvA

Gesloten.

SPAR university EUR

Gesloten.

SPAR university RU

Gesloten.

SPAR university TU Delft

Gesloten.

SPAR university TUe-Luna

Gesloten.

SPAR university HUB

Gesloten.

SPAR university KBG

Gesloten.
  • OK BOOMER, geef onze campus terug!

OK BOOMER, geef onze campus terug!

BLOG 8 augustus 2020

Studenten zijn zo langzamerhand het bekende haasje. Eerst krijgen zij de grootste klappen op de arbeidsmarkt doordat zij uiteindelijk – ondanks beloften – als flexwerkers niet vallen in de regelingen. Na een half jaar blijkt online onderwijs niet de oplossing voor studerend Nederland en nu besluit het kabinet om – na vele maanden van secure voorbereidingen – alle introductieweken te beperken en ontgroeningen te verbieden. Oftewel, studenten zitten in de hoek waar de klappen blijven vallen. Om maar met een kreet van deze tijd te starten: Students Lives Matters! 

Aangezien we in Nederland toch gewend zijn aan 17 miljoen bondscoaches en op dit moment ook zoveel Corona experts huisvesten, voel ik mij geroepen om als omdenker mijn zorgen over het studentenleven te delen. Waarom? Er is geen goed of fout, alleen wil ik wel wat zaken in proportie neerzetten en vanuit wellicht een onbekend of een ander perspectief belichten. Dit alles om bestuurders van campussen en Nederland te helpen om creatief te versnellen want we kunnen volgens mij best wat meer durf tonen, zonder onnodige of Trumpiaanse risico’s te nemen. 

Zie het als delen van gedachten, zie het als een brandbrief, zie het als spreken voor eigen parochie omdat we met 10 winkels op 7 campussen aanwezig zijn, het maakt mij niet uit want het feit blijft dat ik mijn liefde voor het studentenleven wil gebruiken om mensen aan te zetten tot anders denken of wie weet wakker te schudden. Daar ben ik ook wel –  bewezen – goed in. Daarnaast volg ik vanaf het begin veel artikelen, inzichten en gedachten en heb ik zelf vier weken echt plat gelegen door Corona en weet dus echt wel wat de ziekte inhoudt. 

1. Campus opnieuw inrichten

“De overgebleven beperkingen vanwege Corona leiden er nog niet meteen toe dat de HU direct bij aanvang van het nieuwe studiejaar meer fysiek onderwijs gaat aanbieden”. Dat zei collegevoorzitter Jan Bogerd eind juni tijdens de vergadering van de Hogeschoolraad. “We hebben deze week met de instituutsdirecteuren afgesproken dat we de nieuwe ruimte die het kabinet aanbiedt, benutten met de start van blok B. Dat tweede blok start 9 november” (Trajectum, 25 juni 2020). 
“Die fysieke interactie is cruciaal”, verklaart Vinod Subramaniam, rector magnificus van de Vrije Universiteit Amsterdam. In het onderwijs draait het niet alleen om kennis in de hoofden gieten. Het gaat om interactie, debat, dialoog. Daar leren studenten ook van” (AD, 14 juni 2020). Zomaar een tweetal van de veel gehoorde uitspraken van collegevoorzitters, waarbij opgemerkt dat zij echt allemaal inzien dat het hoger onderwijs weer snel opgestart moet worden. Want het liefst willen bestuurders, studenten en docenten zo veel mogelijk fysiek onderwijs mogelijk maken. “De signalen van studenten zijn glashelder: die willen contact, praktijkonderwijs, kleine groepen, binding met de opleiding en binding met elkaar. Als we die kwaliteit willen leveren, dan moeten we de maximale ruimte pakken. Maar daar zijn wel keuzes voor nodig” (NU.nl, juni 2020). Als je dit leest word je eigenlijk best vrolijk van de insteek, alleen waarom gaan we dan pas per blok 2 of B in november starten met nieuwe roosters? Waarom versnellen wij als hoger onderwijs niet ten gunste van de kwaliteit en sociale aspecten die echt spelen bij studenten? Voelt dan niet iedereen dezelfde ‘pijn’ van de Coronacrisis? De reacties van – vooral – studenten zijn helder op dit soort artikelen: “helemaal mee eens, waarom in hemelsnaam wachten tot blok B? Wat een onzin”, zegt Annette en “de overheid biedt ruimte voor meer fysiek onderwijs, grijp die aan! Daar is toch geen systeem doorbraak voor nodig?”, zegt Elwin.

Duidelijk is dat bestuurders van hoger onderwijs terughoudend zijn in het openen van de gebouwen. En dat geldt voor veel hogescholen en universiteiten. Hoe kunnen wij ze daarmee helpen? Als we met onze winkels open zijn, spreken wij studenten en medewerkers (docenten, bestuurders en ondersteunend) elke dag, we zien ze elke dag en wat doen wij als we ze even apart willen spreken? Dan organiseren wij CampusTalks! Dus hebben we gewoon gedaan wat we altijd doen als wij iets willen weten: CampusTalks organiseren met studenten en medewerkers om er achter te komen wat leeft, uiteraard digitaal…en of dit creatieve gedachten naar voren heeft gebracht? Lees en oordeel zelf…

Ventilatie
Is ventileren echt de ‘grote oplossing’ voor ons tijdelijke abnormaal? In ieder geval getuigt goede ventilatie op scholen en kantoren ook van respect richting leerlingen, studenten, docenten en kantoor teams en is het tevens een uitkomst (ook voor Corona al). We weten allemaal van het “Deltaplan” van Maurice de Hond. Hoe staan we hiertegenover? Veel landen hanteren verschillende regels. “Er is geen hele strikte streep te trekken”, zegt Ann Vossen, viroloog en vast lid van het Outbreak Management Team. Het is gebaseerd op hoe ver de grote druppels van een persoon neervallen. Anderhalve meter is geen gekke maat om de afstand te hanteren, zegt Vossen. Ze geeft ook aan dat het misschien een beetje ruim is in verhouding tot andere landen. “Het is een veilige marge. Dit hanteren we in de gezondheidszorg.”
De viroloog gaat er, samen met het OMT, nog altijd vanuit dat de grootste verspreiding onder de bevolking plaatsvindt door grote druppels. “Maar er zijn ook situaties waarbij je besmet kunt raken door kleine druppeltjes”, zegt ze (NU.nl, juni 2020). 
Het heeft even geduurd voordat WHO en RIVM het standpunt van kleine druppels accepteerden. Terwijl ondertussen steeds meer deskundigen wereldwijd ook het standpunt innemen dat aerosolen een dominante rol spelen (zoals prof. Christian Drosten uit Duitsland, een adviseur van Merkel).
Want in deze visie gaat het er niet om op 1,5 meter afstand te blijven. Hoewel er onder wetenschappers onenigheid is over de mate waarin het Coronavirus zich door de lucht kan verspreiden, zijn er steeds meer aanwijzingen dat het in principe kan gebeuren. Epidemioloog Bruijning is daar in ieder geval van overtuigd: “Als je langdurig met een besmet iemand in een ruimte bent en langdurig elkaars lucht inademt, kan er besmetting optreden. Daarom is er zo’n groot verschil tussen het aantal besmettingen buiten en binnen. En daarom leggen we ook nadruk op goed ventileren” (NOS.nl, 6 augustus 2020). En nu blijkt ook – ‘ineens’ – iedereen wakker te worden over dit onderwerp. Te laat? In ieder geval hadden we met elkaar meer kunnen versnellen, als ik zo de reactie lees van bijvoorbeeld de voorzitter VO-raad Rosenmöller hierover gisteren.

Rest de vraag: wanneer gaan we als universiteiten en hogescholen inzetten op ventilatie. En als je niet meer dan een uur in een ruimte bent met elkaar, is dan de kans klein op besmetting? Zijn de huidige systemen voldoende en waar nodig passen wij deze dan aan? Start met een inventarisatie, zou ik zeggen. Speelt politiek Den Haag hierbij nog een rol? Want als de ombouw naar een betere leefomgeving circa 1 tot 2 miljard kost voor middelbaar en hoger onderwijs, is het op langere termijn goedkoper dan onderwijs stilzetten of blijvend online te moeten aanbieden. Want hoe gaat de samenleving om met de ‘Corona lichting’ tijdens toekomstige werving en selectie? Daarnaast heeft deze ‘Corona lichting’ ook nog eens nauwelijks invloed op de beslissingen die genomen worden, alleen dragen zij wel de negatieve gevolgen in hun verdere ontdekkingsreis.

Shut up!
In een artikel van de NY Times schrijft Carl Zimmer: “de meeste mensen met het Coronavirus zullen het niet verspreiden. Waarom besmetten weinigen velen?
Groeiend bewijs toont aan dat de meeste geïnfecteerde mensen het virus niet verspreiden. Maar of je een superspreader wordt hangt waarschijnlijk meer af van de omstandigheden dan van de biologie” (NY Times, 30 juni 2020). Deze sluit grotendeels aan bij de vorige argumentatie van ventilatievoorzieningen op orde hebben in gebouwen. Het zegt ook veel over het feit dat op dit moment bekend is dat veel besmettingen komen vanuit langdurige bijeenkomsten met familie, vrienden en andere besloten feestjes, die plaatsvinden in (kleine) ruimten met slechte ventilatie. En de deelnemers lekker uit hun dak gaan. Doet mij denken aan Carnaval, apres ski en zangkoren in de kerk. Wat dus beter werkt is gewoon je mond houden tijdens colleges! Een echte verademing voor docenten in sommige gevallen. Zou het werken als in besloten grotere collegezalen iedereen verplicht zijn mond houdt en een hoorcollege een heuse “aanhoor”college wordt?

App gebruik op campus
SPAR university staat bekend als voorloper op het gebied van technologie. Als eerste met 100 procent selfcheckouts (kassa’s) en eerste in Nederland met kassaloze omgeving met betalen via de app, kan je stellen dat wij veel weten over en affectie hebben met app gebruik. 
Het is de bedoeling dat de Corona-app van de overheid op 1 september wordt gelanceerd. Het kabinet wil de app, met de naam ‘CoronaMelder’, inzetten in de strijd tegen de verspreiding van het Coronavirus (NOS.nl, 16 juli 2020).
Gaat ons dit helpen op een campus? Kunnen of moeten we de app zelfs verplicht stellen? Wij zijn voorstander van de app-techniek en zolang privacy goed gewaarborgd is, een prima uitkomst om Corona verspreiding te monitoren. Studenten zeggen weinig moeite te hebben met app gebruik en als het toegevoegde waarde kan opleveren voor het studentenleven, dan zal het commitment groot zijn, wordt ons verteld. Wie weet kunnen we de app wellicht koppelen aan onze app zodat meteen een grote groep gebruikers wordt gerealiseerd. 

Wij zijn niet dom ofzo
In verschillende media worden studenten neergezet als onverantwoordelijk, als een altijd feestende bende, ongeregelde gasten die ongelimiteerd overal tegenin gaan, enzovoort. Ik zou als student bijna denken dat zij overal de “schuld van krijgen”, zeker als opmerkingen in verschillende landelijke media verschijnen dat zij nu de “risicogroep” zijn voor het verspreiden van Corona. Volgens mij is dat iets breder dan studenten alleen: gewoon alle jongeren tussen 15 en 35 en wellicht iedereen want we zijn allemaal wat laconieker geworden. Alleen niet zo gek dat de stijging plaatsvindt bij vooral jongeren, want die willen hun interactieve leven terug. Maar is dat ook meteen een gegronde reden om campussen als een soort ‘debielen’ omgeving in te richten? Dat vragen studenten zich namelijk af. De hoeveelheid aanwijzingen in teksten en pijlen om naar een college of tentamen te komen, zijn bizar. Het lijkt wel een doolhof. “We zijn niet dom ofzo en begrijpen echt wel dat we moeten opletten, druktes vermijden en handen veel moeten wassen”, zegt Tim. “Alsof we geen verantwoordelijkheid kennen”, vult Bart aan. 

Spreiden is duurzaam
Om straks meer onderwijs te kunnen geven, zullen de lessen meer gespreid over de dag en eventueel ‘s avonds gegeven kunnen worden. “Daarvoor moeten de onderwijsteams het gesprek voeren of dit een passende oplossing is.” Deze laatste opmerking horen wij veel, alleen wordt ook gezegd dat docenten de spreiding van lesuren tegenhouden. Waarom? Hoe ideaal kan een nieuwe opzet en spreiding zijn voor het toekomstig inrichten van campussen? Stel dat we het gebruik van OV voor studenten blokkeren voor de ochtend- en avonduren. Dus tussen 6 en 9 uur en tussen 16 en 19 uur wordt geen gebruik gemaakt van de treinen (of gehele OV). College wordt gegeven tussen 10 uur en 22 of zelfs 23 uur. Studenten krijgen allemaal een OV kaart die altijd geldig is, behalve in de geblokte ochtend- en avonduren. Als tegemoetkoming bestaat de ‘OV-week of weekendkaart’ niet meer en als een student toch wil reizen in de geblokte ochtend- en avonduren dan is het volle tarief betalen. Besef wat voor een invloed dit heeft op duurzaam gebruik van treinen en gebouwen. We hebben er minder van nodig en we gebruiken ze beter!
Ultieme spreiding is ook als we met elkaar nadenken en ons voorbereiden op het feit dat het beschikbaar zijn van het vaccin jaren duurt. Gaan we dan de start van het studiejaar verschuiven van 1 maart tot 1 november omdat we dan meer buiten kunnen leven?

Geen anderhalve maar 1 meter
In veel gebouwen blijft ruimtegebrek een probleem zolang de anderhalve meter wordt gehandhaafd. Maar volgens epidemioloog Patricia Bruijning zijn uitzonderingen denkbaar. “Het is de vraag of je de anderhalve meter overal en altijd moet handhaven, dat is voor heel veel studies heel lastig. Je kunt ook bredere kaders stellen, bijvoorbeeld: vermijd drukte, dichte ruimten, en nabijheid. Volle collegezalen vallen dan af, maar je kan bijvoorbeeld in een kleine groep wel een practicum doen zonder de anderhalve meter strikt aan te houden” (NOS.nl, 23 juni 2020). Een dergelijke insteek biedt openingen want hoe kan het dat we niet accepteren dat we “even” in de lift staan of op de trap elkaar passeren binnen een kleiner bereik van 1,5 meter? Afstand houden heeft ons gebracht waar we nu staan met Corona, alleen er ligt ook veel bewijs dat aerosolen (kleine druppels) besmettingen laten stijgen. Niet zo zeer het elkaar aanraken en langs elkaar lopen. Ventilatie is dan wederom een cruciaal punt of we gebruiken tijdens het “wandelen op de campus” mondkapjes. En wat als we wel op 1 meter (of 1 stoeltje) afstand houden in de grote collegezalen, en de professor of docent vanuit thuiswerken omgeving college laten geven, dan heb je ook online onderwijs. Alleen omgekeerd en wel met studenten op de campus die elkaar kunnen ontmoeten, spreken en kennis kunnen uitwisselen. 

2. Online onderwijs, een inferieur product

Waarom moeten we het hoger onderwijs weer versneld opstarten?
In vergelijking met ‘normaal’ onderwijs is het huidige online onderwijs een inferieur product. De meest simpele en belangrijkste reden is dat “de kwaliteit van hoger onderwijs nog meer onder druk komt te staan als online onderwijs nog langer duurt”, zeggen Harry Garretsen en Janka Stoker (hoogleraren aan Rijksuniversiteit Groningen) in het Financieele Dagblad (FD, 5 juli 2020).
In het artikel van het FD wordt kort en prachtig het probleem van online onderwijs aangestipt door de volgende passage, ik kan hieraan niets meer toevoegen: “In Nederland adviseert de Denktank Coronacrisis onder leiding van SER-voorzitter Mariëtte Hamer het kabinet om blijvend in te zetten op thuiswerken. De denktank gaat zelfs een stap verder. Want we moeten niet alleen op lange termijn blijven thuiswerken, ook moeten sommige organisaties hun producten en diensten drastisch aanpassen. Zoals het hoger onderwijs, dat nu immers succesvol – en zonder enig protest – laat zien dat het aanbieden van het ‘onderwijsproduct’ ook volledig online kan.
En daar wringt de veranderkundige schoen. Want omdat er geen weerstand tegen de verandering was, het nieuwe ‘product’ fatsoenlijk leverbaar is én onlineonderwijs bovendien heel handig een aantal andere problemen oplost (zoals de belasting van het OV), ontstaat het gevaarlijke misverstand dat de crisissituatie ook post-Corona de gewenste situatie is, waar iedereen zich wel achter zal scharen.

Een thuiswerkende beleidsmedewerker, journalist of marketingadviseur doet ongeveer hetzelfde wat hij of zij ‘normaal’ op kantoor uitvoert. Voor docenten is dit niet het geval, omdat hun ‘product’ normaal gesproken fysieke interactie vereist. De aanpassing van fysiek naar online is met kunst- en vliegwerk gelukt, maar het heeft grote consequenties gehad voor het onderwijsaanbod. Kort gezegd: het is er niet beter van geworden.
Zo dreigt het hogeronderwijsveld aan het eigen aanpassingssucces en de afgedwongen volgzaamheid ten onder te gaan. En dat is bizar, als je bedenkt dat er met het bestaande product weinig mis was. Het Nederlandse hoger onderwijs staat al jarenlang hoog in allerlei lijstjes, studentenoordelen zijn goed, en het is betaalbaar” (FD, 5 juli 2020).

Tentamen was een makkie
Zo blijkt een deel van de studenten onder de radar te verdwijnen en de vraag is, in hoeverre online onderwijs passend is. Bij veel studenten zijn de meta-cognitieve vaardigheden nog onvoldoende ontwikkeld en hebben zij moeite met het plannen van hun studie en missen zij de structuur van de lessen en de controle momenten. Daarnaast kunnen vraagtekens gesteld worden bij de wijze van schriftelijke toetsing. Het blijkt bijna onmogelijk te zijn om schriftelijke tentamens online af te nemen die 100 procent valide en betrouwbaar zijn.
Bijvoorbeeld aan de TU Twente en Universiteit Maastricht (UM) zijn respectievelijk 280 en 1200 tentamens in juni ongeldig verklaard. Het ongeldig verklaren van de toetsen zorgt voor onrust onder studenten. Studenten zijn al een petitie gestart. Studenten vrezen dat de beslissing van de school nadelige gevolgen heeft voor het vervolg van hun studie.
“Bovendien hebben we amper écht onderwijs gehad”, zegt een student die zich gedupeerd voelt. Eerst werd de UM getroffen door een cyberhack en vervolgens kwam het Coronavirus. Als klapstuk wordt het zwaarste examen van het jaar, dat al drie maanden werd uitgesteld, nu ongeldig verklaard (NU.nl, 22 juni 2020).”

Studenten voelen zich verloren
De aangepaste vorm van tentamineren, de alternatieve invulling van practica en in zijn geheel het ontbreken van direct contact met docenten en medestudenten, haalt niet alleen het plezier, maar ook de kwaliteit van een studie onderuit.

Student Lorenzo zit al drie maanden thuis: “Mijn hele motivatie en discipline zijn weg. Wellicht is dit mijn eigen verantwoordelijkheid, maar ik begin nu toch te twijfelen aan mijn studie en over het studeren zelf.”
De Coronacrisis heeft ervoor gezorgd dat veel meer studenten dan normaal met een leerachterstand kampen. In totaal hebben 54.000 studenten extra vertraging opgelopen. Diverse studenten lieten aan ons weten tijdens gesprekken dat ze de achterstand wijten aan onder meer de lagere kwaliteit van onderwijs op afstand. In onze teams heeft ongeveer 40 procent besloten (tijdelijk) te stoppen totdat fysiek onderwijs weer wordt opgestart. Dit sluit overigens aan bij landelijke onderzoeken, waarbij gemiddeld 82 procent ook aangeeft snel terug te willen naar fysiek hoger onderwijs. 

Uit onderzoek van het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO) blijkt dat vooral hbo-studenten die praktische vakken volgen of stage moeten lopen met vertraging kampen. Bijna een derde van de studenten in Nederland heeft studiepunten misgelopen.
“De interactie tussen docent en student is in mijn ogen ver te zoeken”, vertelt student werktuigbouwkunde Pieter. “Mijn lessen bestaan voor 90 procent uit berekeningen en het bespreken ervan. Als je ergens vastloopt is het moeilijk om te vertellen waar je precies vastloopt.”
Studenten willen dat de universiteiten alle ruimte pakken die ze krijgen. Daaraan twijfelt het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO) nu wel. “Het lijkt wat tegen te vallen. Als op sommige universiteiten 95 procent van de studenten nog steeds alleen online onderwijs krijgt, is wel heel veel”, constateert voorzitter Kees Gillesse (AD, 14 juni 2020). Kortom, de behoefte aan live of fysieke lessen is groot. We horen van veel studenten dat ze hun motivatie verliezen, stoppen met de studie omdat het echt niet te doen is. Het kan zo niet verder en het is mooi dat de universiteiten dat ook laten horen. De wil lijkt er te zijn, vanuit allerlei gelederen. Waarom zien we dan toch nog zoveel terughoudendheid? Waarom zegt politiek Den Haag niet dat ook hoger onderwijs versneld moet opstarten? Zien zij dan niet de sociale gevolgen die het gaat hebben? Dat ‘ophopingen’ ontstaan door uitstel van studieprogramma’s door studenten en uiteindelijk een ‘gat’ aan gewenste aanwas en doorloop voor onze economie en samenleving? 

Collegegeld terug!
Tijdens de Coronacrisis volgden studenten aangepaste colleges online. Ook na de zomervakantie worden de meeste colleges op universiteiten en hogescholen nog op afstand gegeven, tot onvrede van studenten. Op opleidingen die al hebben aangekondigd volgend semester alleen maar online onderwijs te geven, is de LSVb kritisch. “Je betaalt collegegeld voor kwalitatief goed onderwijs en als we nu al voor volgende semester te horen krijgen dat je geen fysiek onderwijs krijgt, dan baart ons dat grote zorgen” (NOS.nl, 23 juni 2020).
Duizenden studenten tekenden een petitie dat zij compensatie willen voor collegegeld. Sema Keskin (student in Tilburg) zegt dat de online-colleges erg chaotisch verlopen. Ook waren docenten en professoren onbereikbaar. “Dat gaf ons veel stress. We hebben meer uit het boek zelf geleerd dan uit de online colleges” (NOS.nl, 3 augustus). En als je al een vraag had, dan gaf men niet thuis: “ik kan echt dat half uur niet missen om jou de lesstof uit te leggen, Roos”, was het antwoord op de vraag van mijn studerende dochter, twee weken voor het tentamen! 
Verder kan er slechts beperkt gebruik worden gemaakt van faciliteiten zoals de bibliotheek en sportvelden.

Geen wrijving, geen glans
Belangrijk wordt dat wij onze terechte weerstand en buikgevoel omzetten in daden. In gerichte keuzes om zo het optimale eruit te halen om hoger onderwijs weer fatsoenlijk vorm te geven. Dat een hybride model ontstaat van fysiek en online onderwijs, is al jaren een beweging die zichtbaar is. Dat deze versneld wordt door de Coronacrisis is evident. Het is duidelijk dat we (deels) terug moeten naar fysiek onderwijs en dat wordt ook door verschillende partijen onderstreept.
Bijvoorbeeld Paul Rüpp, voorzitter van het college van bestuur van de Avans Hogeschool in Breda: “De overgang naar online hebben we goed gedaan. Maar online is leuk voor even, het is een hulpmiddel. Het echte onderwijs vindt fysiek plaats in gebouwen.”
Dat vindt ook de Landelijke Studenten Vakbond (LSVb). Voorzitter Lyle Muns: “Fysiek onderwijs is essentieel zodat studenten sociale cohesie krijgen. Ook de begeleiding en de kansengelijkheid is belangrijk. Dit is een belangrijke stap vooruit.”
Kortom, hoe krijgen we dat voor elkaar binnen het vraagstuk besmettingen? Het is een kwestie van keuzes maken. Naast keuzes maken speelt ook de kijk op besmettingen een grote rol.

3. Andere kijk op besmettingen

Ook volgens onze landelijke knuffelbeer Diederik Gommers, voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Intensive Care, is er op dit moment geen aanleiding om maatregelen te nemen: “We zien geen toename van het aantal mensen in ziekenhuizen en ook niet op de intensive cares. Maar we moeten wel op onze hoede zijn”, zegt hij eind juli tegen Omroep Zeeland. Volgens Gommers neemt het aantal besmette mensen toe, omdat er meer wordt getest.
Volgens Gommers is er inmiddels veel kennis opgedaan over de werking van het virus. “Met alles wat we nu weten en hebben zal de druk op de ic’s moeten afnemen, gaan we mensen minder snel op de intensive care zien” (BNR, 31 juli 2020). En is “paniek over oplopende besmettingen niet nodig”, volgens Gommers. Epidemioloog Rosendaal zegt: “we zien versoepeling van maatregelen en gedrag, dus dan stijgt het aantal besmettingen wat. Natuurlijk moet het niet te lang doorstijgen. Aan de andere kant: het aantal positief geteste mensen zegt niet alles.” Je mag de situatie nu niet zomaar vergelijken met maart volgens Rosendaal: “Toen kwamen positief geteste mensen doodziek aan het in het ziekenhuis, nu is het merendeel van de mensen die positief testen niet erg ziek. Het aantal ziekenhuisopnames is ook nog steeds erg laag – we kunnen dat goed aan” (NOS.nl, 6 augustus 2020).

Feike Sijbesma – onze Coronagazant – zei op 25 juli 2020 in de NCR “nu ingrijpen om nieuwe lockdown te voorkomen”! Bob de Wit (professor aan Nyenrode University) noemde hem “dwaallicht van het kabinet” (LinkedIn, 29 juli 2020) en Sander Schimmelpenninck in OP1 zei temidden van de invloedrijke influencers nadat zij aan het woord waren geweest…”en dan geef ik nu het woord aan de meest invloedrijke persoon van deze avond: Feike Sijbesma”. We zien sommige burgemeesters ook een punt maken over en zeer angstig reageren op de oplopende aantallen besmettingen. Wat iedereen ook vindt van een persoon die – in mijn ogen ook zijn best doet en argumenten heeft – feiten blijven feiten.

Onderstaande grafiek laat zien dat het aantal ziekenhuisopnamen niet tot nauwelijks stijgt terwijl het aantal besmettingen sterk stijgt (Parool, 29 juli 2020). Ook na drie tot vier weken van significante stijging in besmettingen, heeft het weinig effect op de ziekenhuisbedden en IC afdelingen. Roept de vraag op: veroorzaken besmettingen bij jonge mensen (vooral tussen 20 en 40 jaar) niet of nauwelijks een stijging in de zorgcapaciteit? En kunnen of moeten wij zelfs daarop acteren? Al is het maar om jongeren hun sociale leven deels in stappen terug te geven.

Een belangrijk verschil van inzicht en wellicht ook vertrekpunt is dat bepaalde mensen of een deel van de 17 miljoen experts uitgaan van oplopende besmettingen als graadmeter, terwijl anderen liever de parameter ziekenhuisopnamen (wel of niet inclusief stijging IC bedden) hanteren. Ik kijk elke dag naar het aantal ziekenhuisopnamen alsof ik de beurskoers elke dag check, zelfs internationaal. Waarom? Ik ben van mening dat als deze parameter niet stijgt, wij als land of campus van inactief naar actief kunnen overschakelen. Uiteraard met zorgvuldig beleid en uiteraard met de vraag ‘waarom stijgen ziekenhuisopnamen niet of nauwelijks, ook na 4 weken van significante stijging in besmettingen? Super interessant om voorzichtig stappen vooruit te kunnen zetten.

Afgelopen week bij hoger aantal test, bleek 2,3 procent positief getest te zijn en dus vergelijkbaar met begin juni 2020. Wij weten ook dat door de stijging in het aantal absolute testen, meer mensen positief zijn. Mag je nu concluderen dat – als wij meer hadden getest in mei en juni het percentage ‘positief besmette mensen’ hoger was dan 2,1 procent? En als dit percentage op het niveau blijft van 2 tot 3 procent, moeten wij ons dan zorgen maken als blijkt dat de druk op de zorg uitblijft? Ik denk het niet. De ziekenhuisopnamen zijn nog steeds 100+ en geen 200 of 300+, oftewel niet minimaal verdubbeld. Sterker nog, de ziekenhuisopnamen groeide slechts 7 procent over deze periode.

Kortom, zolang de opnames niet verdubbelen, dan is vast te stellen dat de impact gering is. Maar ik ‘hoor’ jullie al denken…de stijging in de ziekenhuisopnamen moet nog komen. Dan wil ik wel deze uitdaging aangaan: als ziekenhuisopnamen niet significant stijgen de komende 2 tot 4 extra weken (dus factor 2 tot 3 meer dan vandaag), kunnen we dan (voorzichtig) concluderen dat jonge mensen geen of nauwelijks invloed hebben op de druk van de zorg? En wie weet zelfs op het besmetten van andere leeftijden? Is de aanname dat zij “oudere doelgroepen” besmetten dan gewoon niet aan de orde? Zijn jongeren dan “voorzichtig genoeg” in het dagelijks leven en kunnen zij dan onder bepaalde voorwaarden “los worden gelaten” en hun jonge leven weer oppakken?

Ik ben bereid om daar best wel wat voor op te offeren, zoals afstand houden en drukte vermijden (zeker waar veel jongeren zijn). De voorwaarden zijn dan voor bijvoorbeeld de campus (en wellicht samenleving): 

  • De huidige regels blijven bestaan van handen wassen tot pak de fiets i.p.v. OV en vermijd druktes als dat mogelijk is tot houd 1,5 meter afstand tot elkaar en blijf thuis bij klachten. Niet alleen voor jongeren, want iedere leeftijd, zeker ouderen hebben lak aan veel regels merk ik.
  • Medewerkers blijven zoveel mogelijk thuiswerken en alleen de 1 of 1,5 meter kantoorruimten worden leidend om te bepalen hoeveel mensen aanwezig zijn.
  • Jongeren krijgen meer vrijheid om “normaal” met elkaar om te gaan en weten als zij zich onverantwoordelijk gedragen maatregelen verscherpt worden.
  • Jongeren krijgen vrijheid voor bepaalde ‘eigen’ omgevingen: bijvoorbeeld horeca, (buurt)verenigingen en onderwijs. 
  • Jongeren houden aantoonbaar en bewust afstand tot ouderen en visa versa. 
  • Iedereen draagt mondkapjes als een soort tweede zekerheid in omgevingen waar drukte verwacht kan worden en/of afstand houden lastig is: OV, winkelstraten, recratieplekken en onderwijs. 
  • Professionele ventilatie of mogelijkheden tot doorluchten van de ruimten per uur zijn een pre of is wenselijk.
  • We maken meer gebruik van spreiding in uren en proberen meer rendement te halen uit onze fiets, OV en gebouwen. 

Door deze zienswijze kunnen we campussen wellicht eerder openen voor meer fysiek hoger onderwijs, net als lager en middelbaar onderwijs. Het enige dat nodig is, is vertrouwen hebben in elkaar en commitment creëren. 

Betrek studenten bij HUN toekomst 
Commitment krijgen we als we ruimte geven en krijgen. Na 22 jaar als ondernemer op een campus en als oud student weet ik veel over gedrag dat plaatsvindt en verandert op de campus. Ook het bekijken en begrijpen van “klanten” gaat bij ons verder dan alleen aankopen realiseren. Wij kijken juist anders en breder naar consumentengedrag waardoor wij wellicht ook succesvol zijn. 
Binneveld, zeg je nu dat je een gedragswetenschapper bent? Formeel niet, alleen heb ik altijd wel uitgeblonken in het lezen van gedrag van mensen en daar ook mijn successen mee weten neer te zetten. Buiten het feit dat ik altijd bijzonder geïnteresseerd ben in het gedrag van de mens (lees: vooral student), zien we nu ook zaken die van belang zijn bij het opstarten van een campus of zelfs samenleving. De mens is een sociaal dier en kan dit niet langdurig volhouden. We zijn van nature ‘liever lui dan moe’ en een belangrijke stap in onze samenleving wordt: hoe van inactief naar actief gedrag over te gaan. 

Zweden is vertrouwen
Al maanden volg ik de ontwikkelingen in vooral Zweden. Uiteraard ben ik op de hoogte dat je niet zomaar kunt en mag vergelijken, alleen dat doet uiteindelijk iedereen op haar/zijn manier om argumenten kracht bij te zetten. Dus ik ook. En Zweden is een perfect voorbeeld van hoe je volledige commitment krijgt vanuit de gedachte zelf voor een groot deel verantwoordelijk te (willen) zijn. Want dat willen wij Nederlanders! Het draait om vertrouwen en durven loslaten in plaats van redeneren vanuit wantrouwen en alles willen reguleren. 

“Zoals eerder tijdens de Coronapandemie is Zweden ook nu een buitenbeentje. Versoepeling van de toch al vrij beperkte lockdownmaatregelen lijkt tot zover niet te leiden tot een nieuwe opleving in besmettingen, in tegenstelling tot in de nodige andere Europese landen” (FD, 7 augustus 2020).

De ‘Zweedse aanpak’ van het Coronavirus maakt sinds het begin van de pandemie de tongen los in binnen- en buitenland. Aanvankelijk steunden de meeste Zweden het besluit om scholen en horeca open te houden en werkten ze netjes vanuit huis. Ouderen en jongeren – zonder een leeftijd daaraan te verbinden – hielden afstand. 
En niet onbelangrijk is dat de sociale gevolgen in Zweden beperkt zijn gebleven, net als de economische gevolgen. Zweden stevent af op de laagste Europese negatieve groei van maximaal 1,5 procent op jaarbasis.

Alleen samen krijgen wij Corona onder controle
Omdat het Zweedse model is gebaseerd op vertrouwen, vind ik het een geweldig model. Waarom? Omdat je daarmee de betrokkenheid van mensen vergroot. Niet belerend en onderwijzend proberen alles te regelen en vast te leggen, eerder kaders scheppen en vertrouwen hebben, bijvoorbeeld in studenten en medewerkers op de campus om hun verantwoordelijkheid te pakken. Want ik ben ervan overtuigd dat ‘jongeren’ het beter doen dan ouderen in veel gevallen, van wat ik om mij heen zie. En generatie-expert Talitha Muusse zegt: “nu wordt gedaan alsof de opleving van het Coronavirus enkel bij jongeren ligt. Dat is een voedingsbodem voor frustratie. “De excessen, de mensen die de grens opzoeken met illegale feestjes, die zitten natuurlijk fout. Maar volgens mij moeten we ook eerlijk zijn met z’n allen: sinds het lekker weer is, is heel Nederland gemakzuchtiger geworden. Dan vind ik het heel tricky om een doelgroep aan te spreken” (NOS,nl, 6 augustus 2020). Dus de studenten die al maanden – samen met stakeholders als GGD, universiteiten, hogescholen en gemeente – de introductieweken aan het regelen zijn met de bekende beperkingen, zijn helden die je moet koesteren. Alleen dan krijgen wij  samen Corona onder controle! Doe het dan ook echt samen en leg het vooral niet op! Ga in gesprek en leg verantwoordelijkheden neer daar waar zij moeten zijn. Probeer je eens in te denken hoe het voelt bij actieve verantwoordelijke studenten als 3 dagen voor jouw introductieweek of ontgroening besloten wordt dat het geen of nauwelijks doorgang kan vinden, terwijl je volledig rekening hebt gehouden met de Corona afspraken. Dit werkt niet bij jongeren en eigenlijk bij ben niemand…

4. Van inactief naar actief

Willen we samen uit deze bizarre situatie komen, dan moeten we echt boven partijen willen staan. Elkaars ideeën willen delen en respecteren om verder te komen in het creatief versnellen om het tijdelijke abnormaal om te zetten in het “nieuwe normaal”, waarbij zaken veranderen en sommige zaken juist moeten blijven omdat het vooral sociaal-economisch verantwoord is. 
Hetgeen we nu niet moeten onderschatten is het feit dat wij allemaal inspanningen moeten verrichten om ons inactieve leven weer om te zetten naar actief. Ik zeg altijd dat ‘buikpijn’ dan eerst goed is om echt te acteren, want je ziet nu veel mensen – vanuit vooral de luie thuiswerkstoel – het wel ‘prima vinden’. Wat gebeurt er met Nederland als iedereen 25 procent salaris inlevert? Worden we dan allemaal creatief om te versnellen? Want als er aan onze eigen centen wordt gezeten, dan…

De blije campus
Stel dat de ziekenhuisopnamen niet proportioneel stijgen, gaan we dan ook hoger onderwijs openen met strakke afspraken? Kan de politiek – en kunnen de bestuurders van de campussen ook – hier creatief versnellen en de campus wellicht zien als een voorbeeld van een mini samenleving? Goed te beheersen, elke dag kunnen willekeurige testen worden gedaan (ook in verband met asymptomatische gevallen) en slimme mensen die echt wel begrijpen dat als dit werkt, zij onderdeel zijn van een groter geheel. Nog los van de betrokkenheid die hoog is, omdat je gevoelsmatig meer mag. Een soort beheersbare omgeving om te zorgen dat ook hoger onderwijs weer vorm krijgt zoals wij dat allemaal willen. En we terug kunnen keren naar de blije campus, waar het sociale aspect van onderwijs cruciaal is?

De grote (politieke) vraag is: willen we wel echt kijken en openstaan voor andere opties? In de politieke arena roept dit zeker weerstand op. Begrijpelijk, zeker als je ook een andere kijk op besmettingen hebt. Zijn we bereid als bestuurders de weerstand om te zetten in mogelijkheden die leiden tot een betere invulling van kwalitatief hoger onderwijs, betere sociale contacten, binding en plezier in het studentenleven (oftewel de blije campus)?

De politiek zal vanaf vandaag durf en lef kunnen tonen, want het gaat er uiteindelijk om dat zij degenen zijn die de samenleving aan kunnen zetten: actief maken. Ik vind ook dat zij deze verantwoordelijkheid hebben. Deze verantwoordelijkheid ligt niet alleen bij bijvoorbeeld de bestuurders van organisaties zoals hoger onderwijs. Zij zullen altijd deinen op de golven van de politieke besluitvorming en tijdens Corona het RIVM. Besef wel dat het overschakelen van inactief naar actief een behoorlijke klus wordt. Want ik heb zelf gezien dat binnen onze teams de luiheid erin sloop na een half jaar en dat bij de praktijklessen van juni op verschillende campussen studenten niet kwamen opdagen bij de verplichte werkcolleges. Kortom, het wordt van essentieel belang om te zorgen dat we weer in de actieve modus terecht komen. En ik denk dat we samen – studenten, medewerkers, ondernemers en bestuurders – heel goed een model kunnen bedenken en opzetten, met duidelijke kaders dat werkt voor het openstellen van hoger onderwijs per 1 oktober 2020. Zoals wij ons altijd in hebben gezet voor de blije campus, willen wij ons hiervoor ook volledig inzetten. 

drs Erwin Binneveld
Alumnus Erasmus Universiteit Rotterdam
Oud Universiteitsraad Lid (3 jaar lang)
Oud bestuurslid R.S.V. Sanctus Laurentius 
Oudlaen Herenhuis 141
Eeuwige student (volgens SPAR university teamleden)
Oja, ook nog ondernemer SPAR university

Meer blog?
  • SPAR university geeft samen met studenten gas op verduurzaming

Meer focus op ‘Bring Your Own’ bij SPAR university

Studenten en SPAR university slaan de handen in één: als goed begin van het nieuwe jaar zijn zij de verpakkingsmaterialen zoveel mogelijk gaan reduceren. Zo geven zij betekenis aan de eerder opgestelde ‘duurzame kalender’ waarin de ‘Bring Your Own gedachte’ dominant is. 

Refuse: niet meer verpakken

SPAR university ziet kansen voor duurzame procesverbeteringen zoals het niet langer verpakken van dagelijks honderden bake-off producten. Het verpakken van een dergelijk bake-off product, wat binnen 2 uur geconsumeerd moet worden, is een milieubelastend proces wat haaks staat op de gestelde doelen van de eerder opgestelde duurzame kalender. Door de bake-off producten niet meer te verpakken geeft SPAR university gehoor aan studenten, een fanatieke doelgroep die zeer kritisch is op (single use) verpakkingsmaterialen en het algeheel verduurzamen van de campus. Klanten kunnen de bake-off producten vanuit het zelfbedieningsmeubel vanaf nu pakken met een tang, in een herbruikbaar (bio katoenen) of plastic zakje doen en/of het product pakken met een servetje.

Bring Your Own

Door minder verpakkingen aan te bieden wordt de ‘Bring Your Own gedachte’ uitgelokt onder studenten. Klanten worden dus gestimuleerd om zelf verpakkingsmaterialen mee te nemen zoals een waterflesje, een duurzame koffiebeker of een zakje waar je je brood, groenten en fruit in kan doen. Dit soort herbruikbare materialen zoals de Bogo Bottle van Join The Pipe, de duurzame SPAR koffiebeker en de wasbare bio katoenen zak worden verkocht in de winkels. Ook kom je opvallende POS materialen tegen bij SPAR university die dezelfde boodschap overbrengen richting de klant: “Do you really need.. a spork?”, , “Do you really need..a bag?” “Do you really need.. a coffee lid?”. Zo worden klanten met hun eigen gedrag, op een positieve manier, geconfronteerd. 

Het verder uitlokken wordt gedaan door ‘Bring Your Own Dagen’ te organiseren. De eerste keer was op 25 oktober 2019 waarbij de rietjes en spork’s (de bekende single use plastics) niet aanwezig waren in de winkels. Deze zogenaamde ‘verpakkingsloze dagen’ zullen doorgezet worden in 2020 om de bewustwording van klanten op het gebied van verpakkingsmaterialen en duurzaamheid te stimuleren.

Meer blog?

SPAR university test gamification in app

Bunnik –  vrijdag 13 september 2019

In de SPAR university app kunnen studenten twee weken lang de Starbucks summer game spelen. SPAR university en Arla Foods testen dit spel om inzichten te verkrijgen van de effecten van gamification onder de doelgroep. 

De SPAR university app staat onder studenten bekend als ‘de app met scherpe aanbiedingen’. Er worden elke dag verschillende ‘app deals’ aangeboden die passen in het ritme van de dag. De app is ruim 50.000 keer gedownload, het aantal actieve gebruikers is bijna een kwart. Met de Starbucks summer game willen Arla Foods en SPAR university testen of studenten die het spel gespeeld hebben eerder bereid zijn om een kortingscode te verzilveren. Fun en interactieve content zouden in theorie de koopbereidheid verhogen. Zo testte Arla Foods dit onlangs met interactieve schermen op diverse petrol locaties. 

Aangezien de smartphone het meest gebruikte device onder de doelgroep is, was dit voor beide partijen een logisch vervolg. SPAR university verwacht dat er gedurende de testperiode ook een aanzienlijke stijging zal zijn van het aantal actieve gebruikers.

Hoe werkt het spel?

Open de SPAR university app en klik op de banner om het spel te spelen. Start de game en probeer in 15 seconden zoveel mogelijk vallende opblaasfiguren aan te tikken. Hierdoor verzamel je punten, uiteindelijk zie je wat je score is. Je ziet direct of je korting op Starbucks ice coffee hebt gewonnen. Indien je een high score neerzet dan win je er een opblaasbare Starbucks cup holder bij! Het spel wordt zichtbaar gepromoot op de winkelvloer door een Starbucks coolio en opvallende schapmaterialen. Ook via social media is er een zomerse winactie, hier maken studenten kans op een mega opblaas flamingo!  

Knap staaltje techniek

De Starbucks summer game is door middel van een API met de SPAR university app gekoppeld. Dankzij de samenwerking tussen Arla Foods, Touchscreen Marketing en Social Brothers is de gamification tool in korte tijd gerealiseerd.

Onderstaand een kleine impressie van de Starbucks summer game.

Meer blog?

Campus TU Eindhoven wint de ‘Bottle Battle’

Persbericht

Bunnik –  vrijdag 5 juli 2019

Campus TU Eindhoven wint de ‘Bottle Battle’, een samenwerking van SPAR university & Coca-Cola in Nederland

De Bottle Battle is een gamification-tool dat afgelopen weken live was in de SPAR university app. Het verbinden van de clicks & bricks werd ingezet om studenten op een fun manier tegen elkaar te laten strijden. De strijd is gestreden, de Bottle Battle werd gewonnen door de studenten van de Eindhovense campus en zo won een student van de TU de hoofdprijs: een reischeque t.w.v 2.000 euro!

Duizenden studenten van zeven verschillende campussen hebben de afgelopen acht weken tegen elkaar ‘gebattled’. Zij deden dit door zoveel mogelijk PET-flesjes met de SPAR university app te scannen en deze weg te gooien in de (recycle)prullenbakken op de campus. Dit allemaal met de gamification-tool ‘de Bottle Battle’ in de SPAR university app. Fun, het strijd-element tegen andere studenten van de verschillende campussen en gedragsverandering stond centraal. 

Super blije klant

Het doel? Winnen van de andere studentensteden. Zo ging uiteindelijk een van de Eindhovense strijders, een masterstudent die Mechanical Engineering – Energy Technology studeert, er met de hoofdprijs vandoor. Hij begint zijn zomervakantie goed met een reischeque van 2.000 euro die hij kan gebruiken voor een toffe reis! De winnaar weet nog niet helemaal zeker of hij deze reis met zijn vrienden zal gaan maken, zijn vrienden hopen hier uiteraard wel op. Bekijk het filmpje om te zien hoe de blije winnaar zijn hoofdprijs in ontvangst nam. Als tegenprestatie zijn de strijdende studenten blij gemaakt met gratis koffie: zo zijn er bijna 5.000 koppen koffie geclaimd (!). Ook zijn er wekelijks winnaars getrokken voor prijzen als festivaltickets, tickets voor pretparken en meer. 

Spelelement voor gedragsverandering

Aansluitend op de ‘why’ van SPAR university heeft de Bottle Battle voor een vermindering van zwerfafval op de campus gezorgd en stimuleerde zij op deze manier gedragsverandering onder studenten. De student is zelf grotendeels verantwoordelijk voor een schone campus en daarom is het belangrijk dat studenten bewuster omgaan met verpakkingen, met name het bewust gebruiken en weggooien daarvan. Het spelelement de ‘Bottle Battle’ sluit goed aan bij het positief uitlokken en werkt beter dan verbieden of opdragen. Dat ziet SPAR university ook weer terug bij de Bottle Battle, met ruim 50.000 gescande en weggegooide PET-flesjes. 

Over SPAR university

SPAR university is er voor iedereen op universiteits- en hogeschool terreinen, dus voor studenten en medewerkers, maar ook voor iedereen die langsloopt. En streeft elke dag naar blije klanten in haar winkels & app. DenkDifferent is het brein achter dé GRAB & GO studentenformule van Nederland, SPAR university telt op dit moment negen winkels op universiteits- en/of hoge schoolterreinen.

Meer blog?

ABN Amro Future Food Award 2019

Bron: Levensmiddelenkrant/Out.of.Home Shops

AMSTERDAM – Erwin Binneveld van SPAR University en Too Good To Go hebben vandaag tijdens het FSIN Food500 Congres een ABN Amro Future Food Award gewonnen.

Binneveld sleepte de prijs in de wacht dankzij zijn jarenlange inspanningen om de voedselketen te verduurzamen door intensief samen te werken met producenten. De startup Too Good To Go viel in de prijzen vanwege de verbinding die zij legt tussen consumenten en bedrijven die voedsel over hebben. Restaurants, hotels, supermarkten, bakkerijen en andere winkels verkopen deze maaltijden die aan het eind van de dag overblijven met veel succes via de To Good To Go app in een Magic Box. Met de Future Food Awards wil ABN Amro inspirerende en creatieve concepten uit de food-, retail- en leisure-sector stimuleren die verduurzamen en voedselverspilling tegengaan.

De winnaars zijn door de vakjury gekozen uit een longlist van 50 kandidaten. De jury beoordeelde de concepten op schaalbaarheid, inspiratie en de mate waarin zij een bijdrage leveren aan het tegengaan van voedselverspilling. “De prijswinnaars laten zien dat innovatie en ondernemerschap leidt tot versnelling en impact bij het tegengaan van voedselverspilling”, zegt Toine Timmermans, directeur van Stichting SamenTegenVoedselverspilling. “Samen maken we het mogelijk om van Nederland één van de eerste landen te maken die de verspilling van voedsel ten opzichte van 2015 met 50 procent reduceert”, zegt Stef Driessen, Sector Banker Leisure van ABN Amro.

Meer blog?
Kyra van Elswijk
Chief Digital Officer

SPAR university stopt met tabak verkoop op wereld-niet-roken-dag

Rookvrije campus terreinen, het is een eerste stap naar een rookvrije generatie. Samen met studenten geeft SPAR university meer betekenis aan een gezonde levensstijl door als eerste retailer per 31 mei 2019 echt te stoppen met de verkoop van tabak.

Steeds vaker verdwijnen de sigaretten uit het zicht van shoppers, echter het aantal verkooppunten neemt mondjesmaat af. SPAR university gaat per 31 mei 2019 definitief stoppen met de verkoop van tabak. Bij twee van de negen winkels van SPAR university werd al geen tabak verkocht, nu volgen ook de andere zeven winkels. SPAR university is van mening dat het niet meer verkopen van rookwaren op hogeschool- en universiteitsterreinen past bij een eerste stap richting een rookvrije generatie. SPAR university gaat hiermee ook de samenwerking aan met diverse commissies van Hogescholen en Universiteiten, zij uiten zich steeds vaker dat ze zich graag zouden willen aansluiten bij de wijziging van de Tabakswet. Oftewel om als schoolterrein en dus ook als ‘HBO en WO campusterrein’ per 1 augustus 2020 volledig rookvrij te willen zijn.

Studenten willen méér ‘Super Healthy’

Het Super Healthy-schap werd door SPAR university in april 2017 in de zevende winkel SPAR university Radboud Universiteit in Nijmegen gelanceerd. Direct bleek het Super Healthy-schap, waar alle gezonde producten bij elkaar staan gepresenteerd, een hit onder studenten. Inmiddels is het Super Healthy-schap een belangrijk onderdeel van de formule van SPAR university. Uit recent onderzoek onder klanten van SPAR university bleek echter dat het Super Healthy-schap nog niet voldoende is: 55% van de studenten gaf aan meer en vaker verleid te willen worden met gezondheid en gezonde producten. SPAR university is van mening om te kunnen verleiden op dit gebied, en om dus gezonde keuzes meer te laten gelden, het ook noodzakelijk is om te stoppen met de verkoop van tabak. Gezondheid, oftewel de Super Healthy-gedachte, zal de studentikoze formule de komende jaren nog meer gaan nastreven. Stoppen met tabak is een eerste stap richting een bredere betekenis van de Super Healthy-gedachte. Daarnaast gaf 72% van haar klanten en teamleden aan blij te zijn als er besloten werd om te stoppen met de tabak verkoop. Dit alles gaf uiteindelijk de doorslag. Ondanks dat wij, SPAR university, absoluut weg willen blijven van een belerende formule richting klant. Eigen keuzes maken is als student zeer belangrijk. Op dit moment sluit onze koers voor gezonde en duurzame voeding goed aan bij de wens van de klant en pakken wij door.

Aanpassingen in overige formats van SPAR

Vooruitlopend op het uitstalverbod dat in 2020 van kracht zal gaan, plaatst SPAR in de buurt en enjoy winkels de tabaks- en rookwaren uit het zicht. De tabaksmeubelen worden in het tweede kwartaal van 2019 afgesloten met deuren. De city winkels volgen later in 2019.

Stickers op sigarettenpakjes

Vanaf vandaag – 16 april 2019 – wordt in onze winkels verteld dat wij gaat stoppen met tabak verkoop op wereld-niet-roken-dag, 31 mei 2019. Onze winkelteams informeren vooral klanten die tabak kopen. Het hulpmiddel is een sticker op het pakje sigaretten. Wij denken dat de sigaret kopende klant na ruim een maand wel weet dat op de campus geen tabak meer wordt verkocht door SPAR university!

Meer blog?
Kyra van Elswijk
Chief Digital Officer

Pilot met versconcepten op de HU

Vanaf maandag 4 maart gaat SPAR university diverse versconcepten testen in haar pilotwinkel op Hogeschool Utrecht (HU). In deze pilotwinkel is er een duidelijke focus op ‘vers’ en ‘gezond’. Vanuit de behoefte naar meer ‘verse en gezonde producten’ zijn het assortiment en de routing flink onder handen genomen voor een optimale customer journey.

Studenten en medewerkers willen méér ‘Superhealthy’

Uit recent onderzoek onder studenten naar ‘gezondheid en het Super Healthy concept’ bleek dat 55% van de respondenten meer verleid willen worden met gezonde producten. Dit komt overeen met ‘de Blije Klanten Score’, de maandelijkse enquête die SPAR university onder haar klanten houdt. Ook uit gesprekken tussen SPAR university en Hogeschool Utrecht blijkt dat de behoefte naar gezonde en duurzame producten groot is, maar niet voldoende aansluit met het aanbod op de campus.

Pilotfase

SPAR university testte al met lage tafelkoelingen in haar winkels op de Radboud Universiteit in Nijmegen en in de grotere winkel op de Universiteit in Utrecht. In de pilotwinkel op de HU zullen gezonde en verse producten waaronder vers belegde broodjes, vers getapte yoghurt, verse smoothies en biologische soepen breed gepresenteerd en zoveel mogelijk in het zicht bereid worden. Verder worden studenten door de optimale presentatie van fruit, wraps, poké bowls, sushi en vegetarische snacks verleid tot ‘de gezonde aankoop’. Door deze versproducten dominant in de routing te plaatsen, zijn het aantal KW-producten teruggebracht van ongeveer 350 naar 50 artikelen. Binnen de 50 artikelen is natuurlijk ook ruimte voor de “eat better tomorrow-artikelen”, oftewel, de ‘guilty-pleasure momentjes’ die studenten soms hebben tijdens het studeren. Uit de gesprekken en Blije Klanten Scores (enquêtes) kwam zeker ook naar voren dat deze (veelal) hardlopers niet mogen ontbreken. Te denken valt aan een frikandelbroodje of roomboter croissant. Maar ook de vegan repen, de vegan falafel maaltijdsalade en de speltcrackers ontbreken hier niet in, als wel een uitgekiend gluten- en lactosevrij assortiment. Later dit jaar zal SPAR university ook op de HU een pilot starten met een ‘saladebar-concept’ waar wordt getest of klanten van SPAR university zelf verse salades kunnen opscheppen en/of samenstellen.

New retail

Op basis van de uitkomsten zal SPAR university haar formule verder doorontwikkelen en dit uitrollen over haar andere acht winkels. Met name liggen er binnen ‘new retail’ uitdagingen op het gebied van verse en gezonde lunch producten en het aanbod na 16.00 uur, oftewel de avondmaaltijd-invulling. SPAR university heeft als doel om 35% van haar assortiment gezond en/of duurzaam te hebben. De Grab & Go studentenformule geeft aan dat zij daarbij zeker afhankelijk zijn van de mogelijkheden die hogescholen en universiteiten bieden om de formule daadwerkelijk te kunnen aanpassen.

 

Meer blog?
Kyra van Elswijk
Chief Digital Officer

Foute Kerstweek met SPAR university

Ho Ho Ho, have u been naughty or nice? Tijdens kerst 2018 organiseerde SPAR university de “foute” kerstweek. Van 11 tot 19 december 2018 ging de kerstman alle SPAR university winkels af om klanten blij te maken met een foute kerstkaart. Dit met behulp van een Photo Booth met verschillende attributen zoals: handboeien, baarden, roze kerstmutsen & een eenhoorn hoofd.

Zie hier de after movie:

Meer blog?
Kyra van Elswijk
Chief Digital Officer

Zero Waste Bag

SPAR University gladly contributes to reducing food wastage. Everyday we process our waste in our stores. For an amount of €3,- you buy a bag with a minimum value of €10,-. Our teams will fill the Zero Waste Bag with all the goods that are left over at that moment.

The contents can vary from day to day and it can be a combination of ready-made meals, fresh groceries and/or fresh products. That’s how we keep it exciting. That way you make our teams happy, the world and especially yourself!

Do you want to read more about our Zero Waste Bag? Read the article in Distrifood.

Meer blog?
Kyra van Elswijk
Chief Digital Officer

SPAR university Box ophalen 5 december 2019

See English version below

Hé, het is bijna zo ver: ‘t heerlijk avondje staat voor de deur, op donderdag 5 december krijg je jouw SPAR university Box!

Je kunt ‘m ophalen op de door jou aangegeven locatie tussen 11.00 uur en 18.30 uur.

Bij het kassaplein zullen onze teams klaar staan om jou de box te overhandigen.

Hoe haal ik de box op?

Heel simpel: we hebben alleen je voor- en achternaam nodig + unieke code die je in de bevestigingsmail hebt gekregen.

Geen tijd om je box op te halen? Of gewoon geen zin om van de bank af te komen? Dan stuur je toch gewoon iemand anders! Wel zo makkelijk! Zorg er dan natuurlijk wel even voor dat je eigen voor- en achternaam + unieke code bekend is bij de koerier die jij hebt geregeld. Houd ook onze Facebook pagina in de gaten voor updates.

Tot 5 december!

PS: wanneer je jouw box voor 18.30 uur niet hebt opgehaald, dan gaan we zelf voor Sinterklaas spelen 😉

English version

Hi all, it’s almost time to collect your SPAR university Box !

On Thursday the 5th of December you can pick it up at the location you selected when you claimed your box. This is possible between 11 A.M. and 6.30 P.M.. Our teams will be waiting for you at the checkouts of the SPAR university store.

How to collect the box?

It’s very simple: we only need your first and last name + unique code that you received in your confirmation mail.

No time to pick up the box? Or just don’t feel like coming of the couch? Then you can just send someone else! 🙂 It’s that easy! Just make sure that your courier knows your first and last name + unique code.

See you on December 5th!

PS: if you don’t collect your box before 6.30 P.M., we will surprise someone else with your box 😉

Meer blog?
Jasper Middelbeek
Marketing Hero

Download onze app!

Android: Ga naar Download
IOS: Ga naar Download
+